Van kluppie achter de heg .... tot volwaardige amateurclub !

Het is allemaal begonnen toen een aantal vakantiegangers op kampeerterrein 'De Remboe' enkele inwoners van de buurtschap Wissel hebben uitgedaagd voor een partijtje voetbal op het sportveld van 'De Remboe' aan de Koeweg in Wissel. Het enthousiasme voor Koning Voetbal was geboren en gedurende de zomermaanden werd op zondagmorgen gevoetbald tegen vakantiegangers van het kampeerbedrijf 'De Remboe'.

Dit beviel zo goed, dat er na het vakantieseizoen werd besloten om door te gaan en het lidmaatschap van de K.N.V.B. aan te vragen. Aanvankelijk verenigden 12 jongens/heren zich onder aanvoering van Frits Eshuis, directeur van de Chemische Wasserij 'De Achterste Molen'. Het eerste bestuur bestond uit: A. van Mossel, voorzitter, W. Wensenk, secretaris, en F. Eshuis, penningmeester. De oprichtingsvergadering werd gehouden in 'De Achterste Molen'. Oorspronkelijk was het de bedoeling een onderlinge competitie op te zetten tegen andere buurtschappen en bedrijfselftallen, doch al spoedig bleek dat deze opzet niet haalbaar was. Daarom werd besloten in september 1953 de grote stap te wagen en het lidmaatschap van de K.N.V.B. aan te vragen. Op 28 september 1953 berichtte de K.N.V.B., dat dit mogelijk was en op 17 oktober 1953 deelde de K.N.V.B. officieel mee, dat de s.v. 'Wissel' als lid van de K.N.V.B. was toegelaten.

Het ontstaan van de club is voornamelijk het resultaat van het enthousiasme en doorzettingsvermogen van de toenmalige secretaris Frits Eshuis, die vanaf de oprichting in 1953 tot 1968 die functie blijvend heeft vervuld. De vereniging heeft ontzettend veel te danken aan deze plannenmaker en stuntman. Een bekend gezegde van hem was: 'Ga nooit slapen met de gedachte, dat iets onmogelijk is. U zou wakker kunnen worden van het lawaai dat een ander maakt door het uit te voeren'.

De s.v. ‘Wissel’ heeft zich vanaf de oprichting al onderscheiden van andere voetbalverenigingen in de gemeente Epe. Wanneer er iets op touw gezet werd, stond de gehele vereniging er achter. Door de vele verschillende evenementen, welke hebben plaatsgevonden, heeft de vereniging grote bekendheid verworven.

Speelveld 1953 – 1957 aan de Molenweg in Wissel

Voorzitter P. van Niersen verklaarde zich in 1953 bereid om gedurende het voetbalseizoen op zondagmorgen een weiland te verhuren tegen een vergoeding van f. 30,00. Dit weiland was gelegen aan de Molenweg op de plaats waar nu veld 2 van het huidige sportcomplex is gesitueerd. Een bergschuur van de heer van Niersen fungeerde als kleedkamer voor de thuisclub en voor de bezoekers een toenmalig kippenhok van buurman Bart Hoekert. Degenen, die dit wensten, konden zich na afloop van de wedstrijd onder de pomp wassen, want in die tijd kende Wissel nog geen waterleiding.

 

Entree van de s.v.' Wissel'

Op 25 oktober 1953 werden de eerste wedstrijden gespeeld. Met veel moeite konden er twee elftallen op de been worden gebracht. Het verslag in het 'Veluws Nieuws' van deze wedstrijden luidde als volgt: “De eerste competitiezondag van de s.v. ' Wissel' behoort weer tot het verleden. Jammer genoeg kon Wissel geen gunstige resultaten boeken. Het eerste elftal ging tegen Vaassen 4 met 14 – 0 ten onder. Wissel 2 verloor thuis met 8 – 1 van Emst 2. In ieder geval werd hier de eer gered”. De eerste overwinning werd door het 1e elftal behaald op 29 november 1953 in Apeldoorn tegen Columbia 5. Tijdens de op 14 juni 1954 gehouden Algemene Ledenvergadering werd besloten het nieuwe seizoen ook met een A-junioren elftal aan de competitie deel te nemen. Met moeite werden 11 junioren bij elkaar verkregen. Speler E.J. Nikkels van het tweede elftal stelde zich als leider beschikbaar. Doordat een aantal spelers vertrok en er zich onvoldoende nieuwe voetballers aandienden, moest het team na één seizoen al weer worden teruggetrokken.
Uit de jaarverslagen van de beginperiode blijkt, dat de financiële positie van de vereniging zeer zwak was; de kas van de penningmeester bevatte op enig moment niet meer dan ƒ 55,00. Jaarlijks werden in zaal 'Heidebad' zogenaamde 'Bonte Avonden' georganiseerd om de kas van de vereniging te spekken. Om de kosten te drukken bestond het tenue aanvankelijk uit een wit shirt (overhemd) en een zwarte broek. Op de Algemene Ledenvergadering van 14 juni 1954 werden als clubkleuren geel-zwart bepaald. De witte shirts werden door de Chemische Wasserij 'De Achterste Molen' gratis geel geverfd.

1957 – 1961: aan de Spoorlaan in Epe

Wat het speelveld betreft, had de vereniging in de beginjaren met veel problemen te kampen. Het weiland, waarop noodgedwongen gevoetbald moest worden, was feitelijk daarvoor ongeschikt. Ten einde raad werd besloten om met ingang van het seizoen 1957/1958 het voetbalveld aan de Spoorlaan in Epe te huren van de gemeente. De s.v. Epe had dit terrein verlaten in verband met de ingebruikname van de nieuwe sportvelden aan de Kweekweg in Epe. Het terrein aan de Spoorlaan (Hoge Weerd) werd ’s zaterdags gebruikt door de v.v. Oene, omdat op dat moment in Oene ook niet over een voor de voetbalsport geëigend terrein kon worden beschikt.

1961 – 1980: aan de Boerweg in Wissel

Er is een aantal jaren op het terrein aan de Spoorlaan gespeeld, maar uiteindelijk lukte het in 1961 om weer naar Wissel terug te keren. De heer G.Tiemens was bereid om zijn perceel gelegen aan de Boerweg, hoek Centrumweg, voor een periode van 10 jaar te verhuren. Aanvankelijk was met Tiemens overeengekomen, dat hij buiten de wedstrijddagen op het terrein een kleine kudde schapen mocht weiden. Dit had het voordeel, dat het gras kort werd gehouden, maar het nadeel was, dat er schapenkeutels op het terrein lagen. Uit deze roemruchte tijd doen dan ook de wildste verhalen de ronde. Op het voetbalveld van Wissel waren meer schapenkeutels dan grassprieten te vinden. De moeders en vrouwen van de spelers van de tegenpartij hebben wat gemopperd als na een wedstrijd in Wissel de witte voetbalbroeken niet schoon gewassen konden worden.

Met een bescheiden financiële bijdrage van de gemeente is het terrein door de leden geëgaliseerd, ingezaaid, ingericht als voetbalveld en voorzien van een nieuwe afrastering, alsmede van twee eenvoudige ballenvangers. Verder werd een kleine kleedruimte gebouwd. De aanduiding van de kleedkamers als ' Wule', 'Zule' en 'De Baas' was opmerkelijk. Aangezien er in die tijd nog geen waterleidingnet was in Wissel, was een waterreservoir op een verhoging geplaatst. Deze tank moest door de spelers eerst met behulp van een handpomp worden gevuld, alvorens er water uit de kranen te voorschijn kwam en de spelers zich konden wassen.

Clubgebouw aan de Boerweg in 1961

 

Voor die tijd was dat een behoorlijke luxe. Bij andere verenigingen kwam het ook nog voor, dat spelers zich met behulp van water uit een emmer, afwasbak, pomp dan wel uit een beek in de open lucht moesten wassen. 

Kantine aan de Boerweg in 1961

 

In de loop der jaren zijn er diverse verbeteringen aangebracht, zoals een uitbreiding van de kleed-kamers, de aanleg van waterleiding, de bouw van een kleine kantine en de uitbreiding daarvan, alsmede de aanleg van wedstrijd- en trainingsverlichting. Vanaf de ingebruikneming van dit terrein op 13 augustus 1961 groeide het ledenaantal en was er sprake van een volwaardige vereniging. Het onderhoud van het terrein moest noodgedwongen door de leden worden verricht, omdat de plaatselijke overheid aanvankelijk geen enkele medewerking verleende. Het duurde al met al nog enige tijd, voordat door de gemeente een volwaardige sportaccommodatie in Wissel werd gerealiseerd. De diverse verzoeken aan het gemeentebestuur om medewerking bij het onderhoud en de verbetering van het terrein leidden er uiteindelijk toe, dat het veld van gemeentewege werd gemaaid, bemest en van een eenvoudige terreinafscheiding werd voorzien. Met de verhuurder van het terrein was inmiddels overeengekomen, dat er geen schapen meer op het veld zouden grazen.
In het midden van de zestiger jaren is de sportvereniging ‘Wissel’ door het gemeentebestuur gevraagd naar sportcomplex ‘De Wachtelenberg’ in Epe te verhuizen. Daar zagen het toenmalige bestuur en de leden geen heil in, omdat de s.v. ‘Wissel’ dan ‘Wissel’ niet meer zou zijn. Uit een destijds ingesteld onderzoek bleek bovendien, dat deze accommodatie te klein was om er twee voetbalverenigingen te huisvesten.

Later heeft het bestuur van de vereniging de hand weten te leggen op een rapport van de sportraad, waarin op de noodzaak tot realisering van een sportaccommodatie aan de zuidwest - zijde van het dorp Epe gewezen werd, gelet op de groei van het aantal inwoners aan die kant van het dorp als gevolg van de uitbreiding van de bebouwing. Tot grote vreugde van het bestuur was dus te verwachten dat er een nieuw sportcomplex zou komen, maar de vraag was waar en wanneer?

Omstreeks 1974 worden de plannen concreter. Vanaf dat moment voert het bestuur regelmatig overleg met de Sportstichting Epe inzake een nieuwe accommodatie. Tegelijkertijd was in de gemeente Epe de stichting ‘De Drie Baden’ actief. Deze stichting wilde een overdekt bad in Vaassen en in Epe realiseren en een openluchtbad in Wissel. De gronden benodigd voor het openluchtbad in Wissel waren reeds eigendom van de gemeente. Toen duidelijk werd dat realisering van de zwembadplannen, gezien de hoge kosten, voor de gemeente Epe niet haalbaar was, klopte het Wisselbestuur onmiddellijk aan bij het gemeentebestuur en verzocht een nieuw sportcomplex aan te leggen op de plaats waar aanvankelijk het openluchtbad was gepland.
Op het moment, dat de plannen voor een nieuwe sportaccommodatie in Wissel vaste vormen begonnen aan te nemen, is besloten om met ingang van het seizoen 1977/1978 de wedstrijden van de seniorenelftallen op zondag op de sportvelden aan de Kweekweg in Epe te doen spelen. De wedstrijden van de jeugd en de trainingen bleven op het terrein aan de Boerweg plaatsvinden. Het bespelen van twee gescheiden gelegen accommodaties was echter geen ideale situatie en het bestuur heeft bij de gemeente voortdurend aangedrongen op de aanleg van een nieuw en groter sportcomplex in Wissel.

De realisatie van het nieuwe sportcomplex

Voor de realisatie van het nieuwe sportcomplex werd op 1 november 1976 een commissie samen-gesteld bestaande uit Arnoud Wierdsma (voorzitter), Bert Stegeman (jeugd), Henk Brummel (dagelijks bestuur) en Dries Knippenberg (technische zaken). Deze commissieleden hebben in overleg met de heer A.A. van den Broek van de Sportstichting Epe, de heren J. ten Damme en J. Gerard van de afdeling Bouwzaken en de heer T.S.M. Kerkhof van de afdeling Beplantingen van de gemeente Epe het definitieve plan uitgewerkt voor het nieuwe complex.
Aan het op papier zetten van de plannen ging een periode van intensief overleg vooraf. Dat begon op 8 december 1976 met een onderhoud van de commissie met het dagelijks bestuur van de Sport-stichting Epe. Nadat in overleg met de gemeentelijke vertegenwoordigers een alleszins redelijk programma van eisen voor de opstallen, twee velden en een oefenveld was opgesteld, kon verder gewerkt worden aan de plannen. Aan de hand van het programma van eisen heeft de heer Jan Gerard, bouwkundig medewerker van de afdeling Bouwzaken van de Dienst Gemeentewerken Epe, een schetsplan gemaakt voor de opstallen. Na twee vergaderingen (17 februari 1977 en 10 maart 1977) kwamen Wissel en de gemeente Epe tot volledige overeenstemming over de plannen. Omdat de benodigde percelen grond nog niet allemaal in het bezit van de gemeente Epe waren, kon ook nog niet tot de bouw worden overgegaan. In 1977 is de gemeente begonnen met de aanleg van veld 2 en het oefenveld. In 1978 is het definitieve bouwplan gemaakt en de bouwaanvraag ingediend, nadat de Nederlandse Sport Federatie sporttechnisch ook akkoord was met de plannen.

Nadat de bouwvergunning was verleend en de gemeente de benodigde gronden in eigendom had verkregen, kon de vereniging aan de slag door een inventarisatie te maken van de te verrichten werkzaamheden en een bouwcommissie samen te stellen. De bouwcommissie bestond uit de volgende personen, die elk een deel van de bouw begeleidden:

  • A.M. Wierdsma : voorzitter, algemene leiding
  • H.C. Brummel : secretaris, contactpersoon gemeente en verslaglegging
  • B.J. Stegeman : penningmeester, financiële administratie en kredietbewaking
  • H. Lokhorst : coördinator bouw en timmerwerk
  • D. Knippenberg : metselwerk
  • J.M. Leupen en J. Platje : centrale verwarmingsinstallatie en loodgieterwerk
  • H.P. Lokhorst : glas- en verfwerk
  • G. Berghuis : elektrische installatie
  • H. de Groot : verzorging medewerkers/catering


Naast deze personen, die bijna elk vrij uurtje op de een of andere manier bezig waren met het nieuwe complex, waren er altijd wel tussen de 10 en 25 vrijwilligers die ’s zaterdags kwamen helpen. Op 31 maart 1979 is gestart met de werkzaamheden. De bouwcommissie zorgde er voor, dat de vereiste materialen aanwezig waren en iedereen voort kon met de bouwwerkzaamheden. De bouw van het clubhuis is in het algemeen soepel verlopen, al waren er incidenteel natuurlijk ook wel eens vertragingen. De vakbekwaamheid van het bouwteam was uitstekend. De heer J. Gerard medewerker van de gemeente Epe, was in zijn vrije tijd zonodig ook voor advies aanwezig op de bouw.

Clubhuis in aanbouw

 

Eerste steenlegging een feestelijk gebeuren

Op 18 augustus 1979 was het dan eindelijk zo ver, dat de eerste steen kon worden gelegd door voorzitter Jaap Kanis, die al meer dan 20 jaar voorzitter van de vereniging was. Het kostte hem weinig moeite de steen keurig op zijn plaats te krijgen. De heer en mevrouw Kanis waren in een open rijtuig, versierd met bloemen, van huis gehaald en naar het bouwterrein gebracht. Het was een gedenkwaardig moment voor de vereniging. Felicitaties, bloemen, cadeau’s en feestdrankjes kwamen er aan te pas op de bouwlokatie, waar de contouren van het nieuwe clubgebouw inmiddels duidelijk zichtbaar waren. Arnoud Wierdsma, voorzitter van de bouwcommissie, legde uit dat bewust was gekozen voor de ‘Eerste steenlegging’ door Jaap Kanis, omdat hij binnen de vereniging iemand is die het verrichten van zo’n eervolle daad dubbel en dwars waard was. Voorzitter Kanis toonde zich bijzonder vereerd, dat hij deze officiële handeling mocht uitvoeren. De heer Wierdsma bedankte Jan Gerard, de ontwerper van het gebouw, voor zijn prachtige plan en de door hem betoonde betrokkenheid bij de uitvoering van de werkzaamheden.

Eerste steenlegging door voorzitter Jaap Kanis

 

Financiering van de bouwkosten

Omdat de sportvereniging ‘Wissel’ in de periode van de overstap naar de nieuwe accommodatie niet beschikte over voldoende eigen financiële middelen, moesten verschillende wegen bewandeld worden ter verkrijging van de noodzakelijke gelden. Daartoe werd in de eerste plaats de leden gevraagd een vrijwillige bijdrage te geven, minimaal ƒ 10,00 per lid. 
Om de kas van de vereniging te spekken was ‘ Wissel’ in de zomer, tijdens de wekelijkse braderie-avonden in Epe, present met het Rad van Avontuur. Tijdens deze avonden konden de bezoekers nuttige etenswaren winnen, indien het rad op een van de nummers viel die zij in hun bezit hadden. Wie herkent de lokroep van de speaker niet: “Doe mee voor die kip of die krentenbrood”. Deze aktiviteit bracht jaarlijks ± ƒ 3.000,00 op, echter alles bij lange na niet voldoende om de bouwkosten te kunnen betalen. Deze waren begroot op ƒ 236.000,00. Door een grote mate van zelfwerkzaamheid van de leden hoopte het bestuur de kosten van de nieuwbouw te kunnen beperken tot ƒ 160.000,00. De vereniging was dus gedwongen te proberen door middel van andere acties meer gelden binnen te halen.

Daarom is in 1975 en 1978 een groot kansspel opgezet, waarbij grote prijzen, zoals een kleuren-televisie, een vaatwasmachine, een bromfiets, een fiets, camera’s en geldprijzen, gewonnen konden worden. De prijs per lot was vastgesteld op ƒ 30,00 en het aantal op 1000. De netto-opbrengst van deze verloting was ongeveer ƒ 50.000,00.
Tevens werd er een renteloze lening uitgeschreven in de vorm van 1000 obligaties van 25 gulden; opbrengst ƒ 25.000,00. Na de voltooiing van de bouw werd elk jaar door loting 1/5 gedeelte van de obligaties afgelost. Veel obligatiehouders maakten echter geen gebruik van het recht op teruggaaf van het geleende bedrag. De opbrengst van het Rad van Avontuur werd in die jaren zonodig aangewend voor de aflossing van de schuld.

De vereniging heeft een vergoeding van de gemeente ontvangen voor de verplaatsingskosten van het oude terrein aan de Boerweg naar het nieuwe complex. Uitgangspunt was de toe te kennen waarde aan de oude accommodatie, welke door de vereniging was bekostigd. Na onderhandelingen met de gemeente werd de hoogte van de vergoeding vastgesteld op ƒ 40.000,00.
Tenslotte heeft de vereniging nog een subsidie gekregen van de Nederlandse Sport Federatie (N.S.F.). Dit subsidie bedroeg 10% van de geraamde bouwkosten op basis van uitvoering door derden. Het subsidiebedrag bedroeg ƒ 23.600,00, waarvan ƒ 18.850,00 à fonds perdu en ƒ 4.750,00 als renteloos voorschot. Omdat de vereniging aktief deelnemer was van de Toto/Lotto van de ‘Stichting Nationale Sporttotalisator’ werd het renteloos voorschot na een jaar al omgezet in een bijdrage à fonds perdu. Door deze extra inkomsten en een zuinig financieel beleid van het bestuur, onder aanvoering van penningmeester Harm de Groot, konden alle bouwkosten betaald worden en behoefde geen geld te worden geleend. Zowaar een formidabele prestatie.

Vanaf 1980: aan de Ericaweg 6 in Epe (Wissel)

Dé grote dag voor de sportvereniging ' Wissel' was 15 augustus 1980. Op die datum werd namelijk het prachtige sportcomplex, bestaande uit twee speelvelden, een trainingsveld, een perfect kleedgebouw en een bijzonder mooi clubgebouw, geopend.

 

Alhoewel de vereniging kon beschikken over een prachtig clubhuis, bleek na een aantal jaren, dat de beschikbare ruimte ontoereikend was voor een goede opvang van de jeugd; het aantal jeugdleden was gestegen tot 120. Het bestuur besloot daarom opnieuw de heer Jan Gerard te verzoeken een ontwerpplan te maken voor een uitbreiding. In het voorjaar van 1985 is gestart met de bouw van het jeugdhonk (oppervlakte 50 m2) aan de zuidkant van het clubgebouw, tegenover de hoofdingang. Geheel volgens traditie zijn alle bouwwerkzaamheden verricht door vrijwilligers onder aanvoering van de toenmalige jeugdcommissieleden Wim de Graaf, Fred Kasper, Bertus Schoneville, Teun Vijge en Hans Timmers.
Op 22 november 1985 is het jeugdhonk officieel geopend tijdens een zogenaamd ‘Open Huis’. Voorzitter Jaap Kanis gaf de sleutel van de aanbouw aan bouwmeester Wim de Graaf. Vooral door zijn inzet is de bouw zeer voorspoedig verlopen. De opening van het jeugdhonk werd meteen druk gevierd door de in ruime getale aanwezige jeugd.
Dank zij wederom een voortreffelijk financieel beleid van het bestuur en de belangeloze inzet van de vrijwilligers kon de vereniging de bouwkosten zelf financieren.
In de periode 1990 – 1992 kwam incidenteel een aantal knelpunten naar voren ten aanzien van de sportaccommodatie. De belangrijkste waren:
- onvoldoende openstelling van het jeugdhonk, zowel op trainingsavonden als op de wedstrijddagen zaterdag en zondag in verband met het tekort aan vrijwilligers voor de bezetting;
- tekort aan vergaderruimte en ongewenste combinatie wedstrijdsecretariaat en bestuurskamer en
- gebrek aan kleedruimte voor scheidsrechters.

De Ledenvergadering besloot ook nu de heer Jan Gerard weer in te schakelen voor het maken van een ontwerpplan. Dit plan bestond uit 3 fasen:

  • fase I : uitbreiding van de kantine aan de noord- en oostzijde en ruimte gedeeltelijk inrichten als jeugdhonk en scheidsrechterskleedkamer, alsmede het bestaande jeugdhonk verbouwen en bestemmen voor bestuurskamer en vergaderruimte;
  • fase II : overkapping van het terras aan de westzijde van het clubgebouw en aanpassing van de bar en
  • fase III: uitbreiding van kleed- en verzorgingsruimte.

Uitbreiding kantine met aanbouw jeugdhonk

 

Op 18 mei 1992 besloot de Algemene Ledenvergadering ‘fase I’ uit te voeren. Gelet op de omvang van het werk en de aanzienlijke kosten werd tevens besloten de werkzaamheden wederom met behulp van vrijwilligers uit te voeren. De bouwaanvraag werd op 8 juli 1992 bij de gemeente inge-diend en in september van dat jaar werd een bouwcommissie ingesteld, bestaande uit de heren Gerrit Berghuis, Henk Brummel,Tinus van der Haar, Gert Kamphuis, Bert Rozendal, Harm Stoter en Teun Vijge. Teun Vijge (Bouwbedrijf Wissel) was mede als adviseur bij de bouw betrokken en zorgde voor de levering van de vereiste bouwmaterialen. Voorzitter Cor Reinders heeft de financiële aangelegenheden met betrekking tot deze uitbreiding begeleidt. Naast de leden van de bouwcommissie waren elke zaterdagmorgen allerlei vaklieden, veelal lid van de club, in de weer om de uitbreiding vóór de viering van het 40-jarig bestaan op 1 juni 1993 gereed te krijgen.
Ter dekking van de bouwkosten werd een zogenaamde ‘Superverloting’ gehouden. Met de opbrengst daarvan konden de bouwkosten volledig worden bekostigd.
Op zaterdag 5 juni 1993 heeft tegelijkertijd met de receptie ter gelegenheid van het 40-jarig jubileum de officiële ingebruikneming plaatsgevonden. Het nieuwe verblijf voor de jeugd kreeg de toepasselijke naam “De Kanariekooi”.